Hoofdnavigatie overslaan

John W. F. Volker: vertaler van het Boek van Mormon en Nederlandse zendeling vol met ijver

John W. F. Volker: vertaler van het Boek van Mormon en Nederlandse zendeling vol met ijver

Precies twee jaar voordat het evangelie van Jezus Christus Nederland bereikte, werd op 5 augustus 1859 in Amsterdam een jongen geboren die John Willem Frederick Volker heette[i]. Zijn ouders waren Anna Catherina Scherwitz en John Willem Frederick, naar wie hij was genoemd. Zijn vader overleed toen hij net drie jaar oud was. Toen John jr. achttien jaar was, liet hij zich dopen door Peter J. Lammers (1877) met wie hij later als zendeling in Nederland zou dienen. In datzelfde jaar reisde John naar Zion en vestigde zich in Ogden (Utah, VS).

In 1882 keerde John terug naar Nederland om daar zijn eerste zending te vervullen (1882–1883) en twee jaar later kwam hij weer, dit keer om het zendingsgebied Nederland te presideren (1885–1889)[ii]. Op de eerste bladzijde van zijn zendingsdagboek wordt meteen duidelijk hoe toegewijd John W. F. Volker was, daar zijn roeping naar Nederland in 1885 totaal onverwacht kwam, zelfs al hadden zijn vrouw (met wie hij net gehuwd was) en hij allebei een droom over zijn tweede zending gehad[iii].

Nadat broeder Volker tijdens de algemene conferentie van oktober 1882 geroepen was, werd hij vijf dagen later als voltijdzendeling aangesteld en verliet hij Ogden al spoedig om in zijn vaderland te werken. Uit zijn dagboek[iv]:

‘8 oktober 1882. Onverwacht op zending geroepen. Was op pad met paard en wagen. Slechts acht dagen de tijd. […] Tot ouderling geordend door patriarch John Smith.

10 oktober. Begiftigd in de tempel in Salt Lake City. Terug naar Ogden.

11 oktober. ’s Morgens vertrokken en ’s middags ziek geworden. Één dollar als donatie gekregen.

13 oktober. Naar Salt Lake City gegaan. […] Als zendeling aangesteld door Lorenzo Snow. Certificaat gekregen. […]

17 oktober. Uit Ogden vertrokken.’

Drie weken later was ouderling Volker al in Amsterdam. Het geschiedkundig verslag van de Nederland Amsterdam Zending vermeldt bij 7 november 1882:

‘Ouderlingen Peter Jacob Lammers en John W.F. Volker kwamen in Amsterdam als zendelingen uit Zion aan. Zij waren tijdens de voorafgaande oktoberconferentie in Salt Lake City naar Holland geroepen, en bij hun aankomst in Liverpool (Engeland) werd ouderling Peter J. Lammers door president Albert Carrington tot president van de Nederlandse Zending benoemd en ouderling John W. F. Volker tot reizend ouderling in dat gebied.’

Het verslag[v] geeft ook een indruk van de uitdaging waarvoor deze zendelingen stonden toen ze hun werkterrein betraden:

‘Toen deze broeders in Amsterdam aankwamen, konden ze daar maar acht getrouwe heiligen vinden. Ouderling Lammers bezocht alle heiligen in de zending, ongeveer 75 zielen.’

Volker vermeldde ook in zijn dagboek dat hij na zijn aankomst in Amsterdam onmiddellijk zijn oom, Fritz Volker, en diens gezin bezocht[vi]. Hij wilde de familiebanden versterken en hun het herstelde evangelie geven. Daarnaast deed Volker hard zijn best om de Nederlandse heiligen te versterken en bekeerlingen te vinden. In zijn zendingsdagboek staat dat hij voortdurend naar allerlei Nederlandse steden reisde. Hij schreef bijvoorbeeld twee weken na zijn aankomst in Amsterdam: ‘enkele uren tot [mijn] tante gepredikt.’ Vier dagen later schreef hij dat hij twee mormoonse zusters had bezocht en anderhalf uur gepredikt had[vii].

In andere delen van zijn dagboek krijgen we een indruk van de tegenwerking waarmee hij gedurende één week te maken had:

‘25 februari [1883]. […] Sprak ’s avonds ongeveer tweeënhalf uur. […] Ongeveer honderd mensen hoorden mijn getuigenis.

27 Februari. […] Getuigde tot veel mensen en verspreidde gedurende drie à vier uur brochures.

Donderdag 1 maart. Goed weer. Heb brochures rondgebracht en veel mensen schreeuwden naar me dat ik een valse profeet was.

Vrijdag 2 maart. Rondgegaan met brochures. Mensen die beweerden in God te geloven schreeuwden naar me. Er stond een goed artikel over me in de krant. ’s Avonds was ik door een gezin uitgenodigd. Trof bij aankomst een grote groep aan […] en had een discussie van een paar uur.

Zaterdag 3 maart. Goed weer. Schreef een brief aan broeder J. M. McQuarrie en een stuk voor de Millennial [Star]. […]  Buiten werd er steeds naar me geschreeuwd.

Zondag 4 maart. Goed weer. Ben nieuwe brochures gaan halen en kwam ’s middags terug. […] Groepje jongens gooide stenen naar me en maakte om twaalf uur ’s nachts heel veel lawaai. […]’

Ondanks de tegenstand waarmee hij te maken had, meldde hij ook dat kinderen en volwassen bekeerlingen zich lieten dopen[viii].

Het meest ontroerende aspect van zijn bediening is misschien wel te zien in een Nederlandse brief[ix] die hij op 3 april 1883 in Almelo schreef en waarin hij de Nederlandse leden die al in Zion waren, smeekte om zoveel mogelijk [geld] te sturen zodat hun Nederlandse broeders en zusters ook naar Utah konden gaan:

‘Lieve broeders en zusters in de Kerk van Jezus Christus, Vrede zij met u. […] Wij zijn zo gezegend dat we vanuit het vreselijke Babylon naar Zion konden gaan en we weten nog hoe moeilijk het was om in Babylon te wonen. […]   Dankzij de Heer zijn we hierheen kunnen komen. Sommigen hebben geld en anderen krijgen hulp. […] Denken wij soms wel aan onze vroegere broeders en zusters en beseffen we dat zij lijden, terwijl wij het hier goed hebben? […] Laten we even stilstaan bij het feit dat velen van ons hulp van anderen hebben gehad, en dat wij nu vergeten iets terug te doen zodat een ander hulp krijgt.  […] Vraag uzelf: heb ik in het verleden hulp gehad? En heb ik geld gekregen dat ik niet heb terugbetaald? […] Enkelen van u hebben zelfs van de armsten geld geleend. […] Welnu, mijn geliefden, vandaag vraagt de Heer u om te denken aan de arme broeders die we hebben achtergelaten. Reik hun de hand en God zal u zegenen; geef elke week tien cent. […] We zullen zien dat ons werk rijkelijk gezegend wordt en dat we zielen uit Babylon kunnen verlossen. […]  Moge de Heer u allen zegenen en leiden, en moge Hij uw hart openstellen voor die arme, eerlijke zielen die hier in onderdrukking moeten leven. Ik zal mijn best doen om hierbij te helpen en mijn naam daarom bovenaan de lijst zetten. Moge God u allen zegenen met vele zegeningen. Dat is mijn gebed in de naam van Jezus.

Nog geen twee jaar na het afronden van zijn zending eind november 1883 werd Volker geroepen om de Nederlandse Zending vier jaar lang (1885–1889) te presideren.  Allerlei dagboekgedeelten en brieven aan de Latter-day Saints’ Millennial Star en Deseret News bevestigen dat hij succes had; dat hij de Nederlandse heiligen versterkte en bekeerlingen bij de kudde bracht.  Een belangrijke bijdrage was het vertalen van het Boek van Mormon in het Nederlands, en van brochures voor het zendingswerk, in het bijzonder het invloedrijke document ‘Een stem tot waarschuwing’ van ouderling Parley P. Pratt[x].

Toen John terug was van zijn zending stond hij in Ogden bekend als een ‘succesvol handelaar in timmerhout’, eigenaar van Volker Lumber. Hij werd in 1908 als lid van de hoge raad geroepen bij de reorganisatie van de ring Weber, die als grootste ring van Zion enorm was gegroeid[xi].

Hoewel de ruimte niet toelaat dat we veel over zijn leven na zijn zendingen in Nederland schrijven, bleef hij standvastig in zijn liefde voor het evangelie en zijn landgenoten. Dat blijkt uit zijn dienen in de kerk en uit een bezoek aan zijn geliefde vaderland tijdens de zomer en het najaar van 1931, minder dan een jaar voor zijn overlijden[xii].

John Volker stierf op 8 maart 1932 op 72-jarige leeftijd in zijn huis in Ogden, nadat hij een week ziek was geweest, en is op de gemeentelijke begraafplaats van Ogden begraven. Zijn vrouw, Edith Parker, was twee jaar daarvoor overleden. John liet een zoon, drie dochters en vijftien kleinkinderen na[xiii].

Hij is misschien het meest bekend vanwege zijn vertaling van het Boek van Mormon in het Nederlands[xiv]. Maar we moeten ook denken aan de duizenden bekeerlingen als gevolg van die vertaling, aan zijn eigen zendingswerk en toegewijde inspanning om zijn landgenoten naar Zion te helpen gaan en zijn verlangen om het koninkrijk van God op te bouwen.      



[i] ‘Volker, John W. F.’, Latter-day Saint Biographical Encyclopedia, 4 delen, red., Andrew Jenson (Salt Lake City: Deseret News, 1936), deel 4, 359.  ‘De eerste H.L.D. zendelingen in Nederland kwamen op 5 augustus 1861 in Rotterdam aan. Het waren Paul A. Schettler, een Duitser, en Anne W. van de Woude, een Hollander.’ (Zie Heart Throbs to the West, 12 delen, Kate B. Carter [Salt Lake City: Daughters of the Utah Pioneers, 1943], deel 4, 278.) Voor een geschiedenis van Schettler, met inbegrip van informatie over van de Woude en hun eerste zending naar Nederland, zie Jacob W. Olmstead en Fred E. Woods, ‘“Give Me Any Suitable Situation”, The Consecrated Life of the Multitalented Paul A. Schettler’, BYU Studies 41, nr. 1 (2002), 108–126.

[ii] ‘Volker, John W. F’, Latter-day Saint Biographical Encyclopedia, deel 4, 359.

[iii] Ouderling John W. F. Volker, ‘Missionary Experiences in the Netherlands’, Millennial Star deel 26, nr. 51, 1 juli 1889, 401, vermeldt dat de waarschuwing twee nachten daarvoor in een droom was gekomen en dat zijn vrouw, Edith Parker Volker, een ‘soortgelijke manifestatie’ had ontvangen. Beiden waren ze verrast omdat hij net van 1882 tot 1883 een zending had vervuld.  

[iv] Papers of John Volker, zendingsdagboek 1882‒1883, Church History Library, hierna afgekort met CHL, Salt Lake City, The Church of Jesus Christ of Latter-day Saints.

[v] Geschiedkundig verslag van de Nederland Amsterdam Zending en historische verslagen, 7 november 1882, CHL.

[vi] Documenten van John Volker, zendingsdagboek 1882‒1883, 8 november 1882. In zijn dagboek staat dat hij en ouderling Lammers op 8 november in Amsterdam aankwamen in plaats van op 7 november (zoals in de geschiedenis van de Amsterdam Zending vermeld) en dat hij onmiddellijk zijn verwanten heeft bezocht.

[vii] Zie Papers of John Volker, zendingsdagboek 1882–1883, 22 en 26 november 1882.

[viii] Zie Papers of John Volker, zendingsdagboek 1882–1883, voor de datums 11 februari, 16 juni en 20 juni 1883.

[ix] Papers of John W. F. Volker, CHL, vertaald door Jean G. Huysmans. De brief wordt met de volgende uitspraak afgesloten: ‘Ondergetekenden verklaren hierbij het geldbedrag dat we achter onze naam geschreven hebben elke week te betalen en dat die bedragen gebruikt zullen worden voor de verlossing en bevrijding van onze broeders en zusters uit Babylon, met een gebed dat de Heer ons hierbij zal helpen en zegenen.’ Daaronder staan de handtekeningen van achttien personen en hun geldelijke bijdrage. John W. F. Volker staat met $0,10 bovenaan de lijst.

[x] ‘Volker, John W. F’, Latter-day Saint Biographical Encyclopedia, deel 4, 359. Zie met name ouderling John W. Volker, ‘Missionary Experiences in the Netherlands’, Millennial Star, 401‒404. Hierin wordt aandacht besteed aan zijn vier jaar op zending en aan het feit dat hij de brochure ‘Het evangelie van Christus’ heeft vertaald en tienduizend exemplaren heeft laten drukken, alsmede Morgan Tracts nrs. 1 en 2. Van beiden zijn zevenduizend exemplaren gedrukt. Zie ook ‘Returned Elders’, deel 34, nr. 4, (20 juli 1889), 116, waarin staat dat er tegen het eind van Volkers zending in Amsterdam 150 leden van de kerk waren en een zondagsschool met zeventig kinderen. Verder waren er tweeduizend exemplaren van de Nederlandse vertaling van ‘Een stem tot waarschuwing’ gedrukt en de Nederlandse vertaling van het Boek van Mormon was klaar om ter perse te gaan. Hij had bij zijn werk in Nederland continu tegenwerking ervaren. Op deze zending en zijn eerdere zending beschrijft hij hoe hij ’s nachts een gat in het ijs sloeg om te dopen, zodat die heilige verordening niet door anderen werd opgemerkt. Zie bijvoorbeeld Papers of John Volker, dagboekgedeelten 21 januari 1883 en 29 januari 1886.

[xi] Heart Throbs to the West, Kate B. Carter, deel 4, 281, noten, ‘Ogden […] was de woonplaats van John W. Volker, een succesvol handelaar in timmerhout.’ Edward H. Anderson, ‘Events and Comments’, Improvement Era deel 11, nr. 11 (september 1908), 899‒900, schrijft dat de ring Weber ten tijde van haar splitsing in 1908 met 17.000 leden de grootste ring van de kerk was. Het feit dat er ten tijde van die splitsing voor een roeping in de hoge raad keuze was uit duizenden mannen, betekent dat John Volker niet alleen opviel in een kleine groep leden van de kerk in Nederland, maar ook onder de ervaren heiligen in Utah. 

[xii] Zijn bezoek van een paar maanden aan Amsterdam en omgeving in 1931 weerspiegelt zijn liefde voor zijn familie in Nederland en zijn landgenoten. Zie Papers of John Volker, dagboekgedeelten van juni tot september 1931.

[xiii] ‘John W. F. Volker Dead, Aged 72’, overlijdensbericht in de Ogden Standard Evening Examiner, 8 maart 1932, 6.

[xiv] In Heart Throbs to the West, Kate B. Carter, deel 4, 281 staat: ‘Zijn naam zal altijd verbonden blijven met het Boek van Mormon in het Nederlands, aangezien hij de vertaler ervan was.’