Hoofdnavigatie overslaan

Mormoons leider geeft negen inzichten over Christus uit het Nieuwe Testament

Gerrit W Gong

Ouderling Gerrit W. Gong van het Presidium der Zeventig (het bestuursorgaan onder het Quorum der Twaalf Apostelen) van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen gaf inzichten uit de Bijbelse verslagen van de wonderbare spijziging. (Zie bijvoorbeeld Markus 6:34–44.)

Ouderling Gong sprak op Temple Square tijdens de jaarlijkse ‘Avond met een algemeen autoriteit’ van de kerkelijke onderwijsinstellingen. Hij sprak een wereldwijd publiek van onder meer 2.780 seminarie- en instituutsmedewerkers in 129 landen toe — onder wie meer dan duizend buiten de VS. De toespraak was ook gericht tot 45.700 onbezoldigde leerkrachten en zendelingen in 133 landen — onder wie ongeveer 34.500 buiten de VS. Die vrijwilligers besteden samen jaarlijks ruim twintig miljoen uur aan kerkelijk onderwijs.Ouderling Gong gaf negen inzichten uit zijn studie van Jezus Christus’ wonderbare spijziging. Hij wilde daarmee de leerkrachten aanmoedigen hun cursisten te laten inzien wat het betekent om Christus te volgen.

1. Christus is met ontferming bewogen. Jezus kent ‘ons hart en onze omstandigheden’, zegt ouderling Gong. ‘Hij is vol mededogen voor onze dromen en pijn, onze verlangens en behoeften.’

2. Christus begint met wat we hebben. Christus begon de wonderbare spijziging met wat de mensen hadden: vijf broden en twee vissen. Wij ‘beginnen [ook] met wat we hebben, met wie we nu zijn. Dan kan Hij ons grootmaken en onze inspanningen versterken.’

3. Christus gaat gestructureerd te werk. Het was geen ‘grote menigte […] waarin iedereen duwt en trekt omdat ze iets willen hebben’. Christus liet de mensen gaan zitten in groepen met ‘een gezamenlijk hoger doel’, zegt ouderling Gong.

4. Christus is dankbaar. In Lukas 9:16 staat: ‘Nadat [Christus] de vijf broden en de twee vissen genomen had, keek Hij op naar de hemel, en Hij zegende ze [en] brak ze.’

5. Christus voedt de discipelen en laat hen de menigte voeden. Ouderling Gong noemt dit een patroon waarbij eerst de leerkrachten onderwezen worden, zodat zij hun leerlingen kunnen onderwijzen.

6. Christus voedde de vijfduizend en de eenling tegelijkertijd. ‘Dat is een wonder dat wij als leerkracht willen ervaren: de hele klas onderwijzen en tot iedere cursist doordringen’, zegt ouderling Gong. ‘We moeten zowel in algemene als persoonlijke behoeften voorzien.’

7. Christus zorgt ervoor dat niets verloren gaat. Of het nu om zielen of materiële zaken gaat, ‘de hemel doet niet aan verspilling’, zegt ouderling Gong. ‘Van alles wordt gebruikgemaakt en niets gaat uiteindelijk verloren.’

8. Dankzij Christus krijgen we meer dan wat we hadden. Dankzij Christus ‘ontvangen [we] meer liefde, kennis, inspiratie en vriendelijkheid dan we hadden’, zegt ouderling Gong.

9. Christus onderwijst in ‘de overvloed van het avondmaal’. Dit verwijst naar de geestelijke kracht waarnaar heiligen der laatste dagen tijdens hun zondagse kerkdienst (de avondmaalsdienst) streven. Tijdens de avondmaalsdienst nemen ze van het brood en het water, zinnebeelden van het lichaam en bloed van Christus.

Bekijk de toespraak van ouderling Gong.