De mogelijkheden zijn eindeloos

    Boodschap van de gebiedsleiding

    Ouderling Alessandro Dini Ciacci (Italië)
    Ouderling Alessandro Dini Ciacci (Italië) Gebiedszeventiger

    Toen mensen me vroegen waarom ik na mijn doop op zending wilde gaan, antwoordde ik dat ik een schat had gevonden en die graag met anderen wilde delen. De vreugde die het herstelde evangelie van Jezus Christus mij geeft, is de reden waarom ik anderen over het evangelie vertel en hen voor een kerkdienst uitnodig.

    Ouderling Dieter F. Uchtdorf van het Quorum der Twaalf Apostelen heeft gezegd: ‘Waar we ons ook op aarde bevinden, er zijn voldoende mogelijkheden om het goede nieuws van het evangelie van Jezus Christus te verkondigen – aan mensen die we ontmoeten, met wie we studeren, leven, werken of anderszins omgaan.’[1]

    Toen mijn vrouw, Sara, onlangs in de avondmaalsdienst een toespraak moest houden, nodigde ik enkele vriendinnen van haar uit. Ik zei dat Sara hun aanwezigheid vast zou waarderen. Een van haar vriendinnen kwam met haar man en twee kinderen naar de kerk. Door mijn eenvoudige uitnodiging werd hun vriendschap versterkt en gingen onze dierbare vrienden met ons naar de kerk.

    De meeste mensen hebben echt interesse voor ons geloof en willen graag meer weten. Ouderling Quentin L. Cook van het Quorum der Twaalf Apostelen heeft gezegd: ‘Het nieuwe zondagse kerkschema geeft ons als leden een buitenkans om liefdevol vrienden en bekenden uit te nodigen om te komen zien en beleven hoe het in de kerk is.’[2]

    Door de jaren heen hebben we onze vrienden en familieleden voor tal van activiteiten uitgenodigd: het kinderprogramma in de avondmaalsdienst, de doop van onze kinderen, bijeenkomsten waarin we zongen, onze toespraken, bijzondere devotionals en diensten met een algemeen autoriteit. En we hebben ook veel mensen voor onze gezinsavond en voor etentjes met de zendelingen uitgenodigd.

    De mogelijkheden zijn eindeloos. We kunnen minderactieve leden of familieleden die geen lid van de kerk zijn uitnodigen wanneer we een nieuwe roeping krijgen, en misschien ook wanneer we worden aangesteld. We kunnen onze vrienden voor de avondmaalsdienst of de zondagsschool uitnodigen. We kunnen hen uitnodigen wanneer we een les geven of in de avondmaalsdienst ons getuigenis geven. We kunnen onze vrienden zelfs uitnodigen voor een dienstbetoonproject van de kerk of voor een bezoek aan een ziekenhuis of bejaardentehuis. We kunnen ze uitnodigen om na de kerkdiensten bij ons te komen eten.

    Er is meer kans dat onze vrienden onze uitnodiging, wat die ook is, aanvaarden als we voor hen bidden, als we uitzoeken wat voor uitnodiging we ze moeten geven, als we voor hen vasten en als we naar onze ingevingen handelen. In de meeste gevallen is een uitnodiging echter niet voldoende; we moeten wellicht plannen maken voor en met de mensen die we uitnodigen. Misschien willen ze weten wat ze kunnen verwachten, of hebben ze een lift nodig.

    Soms moeten we ook de mensen met wie we nu al naar de kerk gaan, helpen om naar de kerk te gaan. We kunnen bijvoorbeeld een gezinslid helpen door het ontbijt klaar te maken of een overhemd of jurk te strijken, zodat hij of zij op tijd klaar is. We behoren ook negatieve opmerkingen over de bijeenkomsten of mensen te vermijden, zodat onze gezinsleden zich op positieve dingen concentreren en het fijn vinden om naar de kerk te gaan.

    We moeten iedereen uitnodigen, zelfs mensen van wie we niet verwachten dat ze op de uitnodiging zullen ingaan. Mogen we daarbij moed putten uit deze belofte van ouderling Quentin L. Cook: ‘Als we lief, vriendelijk en nederig zijn, zullen velen onze uitnodiging aannemen. Zij die onze uitnodiging niet aannemen, blijven onze vrienden.’[3]

     


    [1] Dieter F. Uchtdorf, ‘Zendingswerk: verkondigen wat u in uw hart voelt’, Liahona, mei 2019.

    [2] Quentin L. Cook, ‘Grote liefde voor de kinderen van onze Vader’, Liahona, mei 2019.

    [3] Ibid.