Hoofdnavigatie overslaan

Zwijg, wees stil – een veilige haven in het huis des Heren

Boodschap van de gebiedsleiding

Elder Phillips
Ouderling Philips
Ouderling Alan T. Phillips Gebiedszeventiger

Beide ouders van Mary Ann Baker overleden aan tuberculose toen ze met haar zus en broer in Chicago woonde. Toen bleek dat haar broer aan dezelfde afschuwelijke ziekte leed, zorgde ze ervoor dat hij naar het zuiden van de Verenigde Staten kon reizen, waar een warmer klimaat heerst. Helaas werd zijn toestand steeds erger. Hij overleed enkele weken later. Mary Ann en haar zus waren diepbedroefd. Ze hadden niet het geld om het levenloze lichaam van hun broer naar Chicago te laten overbrengen en het daar te begraven. Voor Mary Ann was het de donkerste, moeilijkste periode van haar leven. Ze zegt: ‘Ik zei tegen mezelf dat God niet om mij of mijn dierbaren gaf.’[1] Het was meer dan ze kon verdragen.

Ieder van ons maakt stormen mee. We krijgen te maken met tijden van rouw, verlies, ziekte, financiële zorgen, onzekerheid, en allerlei strubbelingen. Deze stormen zijn een beproeving en kunnen ons tot het uiterste op de proef stellen. Net zoals de discipelen op de zee van Galilea, kunnen we het gevoel hebben dat we kapseizen of zinken, en dan roepen we uit: ‘Meester, bekommert U zich er niet om dat wij vergaan?’[2]

Op die stormachtige avond op de zee van Galilea ontwaakte de Heiland, ‘bestrafte de wind en zei tegen de zee: Zwijg, wees stil! En de wind ging liggen en er kwam een grote stilte.’[3] In die donkere periode van rouw en verdriet voelde Mary Ann Baker hoe de Heiland de storm in haar hart deed bedaren, en ‘gemoedsrust vol dieper geloof en volmaakter vertrouwen bracht’.[4] Nu de vrede en rust in haar hart was teruggekeerd, schreef ze de woorden van de bekende lofzang: ‘Meester, de stormwinden woeden’.[5]

Zij het de woede van ’t noodgetij,

of duivels of mensen of wat het ook zij,

Zij allen volgen gedwee uw wil:

Zwijg, wees stil; Zwijg, wees stil.

We hebben een liefdevolle Vader in de hemel, die begrijpt dat we een schuilplaats of een veilige haven nodig hebben als de stormen ons leven teisteren, een plek waar we ons beschermd, veilig en geborgen weten.

De tempel kan voor ons een belangrijke veilige haven zijn. Het leven brengt elke dag beproevingen, onzekerheid, tegenstrijdige stemmen en strubbelingen met zich mee. In het huis des Heren vinden we antwoorden, kracht, en de gemoedsrust die de Heer ons heeft beloofd. We worden eraan herinnerd dat we er niet alleen voor staan. We worden eraan herinnerd dat God van ons houdt, ons nog steeds leidt, en de weg voor ons bereidt waardoor wij terug kunnen keren en vrede vinden.

Uw hemelse Vader kent u. Hij houdt van u. Hij begrijpt uw behoeften en moeilijkheden. Als wij naar de tempel gaan en aan heilige verordeningen deelnemen, krijgen we duidelijke aanwijzingen als onzekerheid en stormen ons het leven moeilijk maken.

Ouderling Boyd K. Packer heeft gezegd: ‘Er gaat een reinigende en verhelderende geestelijke invloed uit van de tempel. Soms worden we zo in beslag genomen door problemen en zijn er zoveel zaken die tegelijk om onze aandacht vragen, dat we gewoon niet goed kunnen denken en alles helder zien. In de tempel lijkt de waan van de dag van ons af te vallen, de mist lijkt op te trekken, en we “zien” dingen die we eerder niet zagen, en vinden voor onze problemen een oplossing die ons eerder niet helder voor ogen stond.’[6] Uit de lofzang ‘O, vast als een rotssteen’:

‘Vat moed! Ik ben met u, o, weest niet verschrikt,

want Ik ben uw God die uw lot hier beschikt.

Ik sterk u en help u en waarschuw voor ’t kwaad.[7]

Wat voor stormen u ook teisteren. Wat voor duivels, of mensen of wat het ook zij dat uw gemoed bezwaart. We hoeven niet bang te zijn. Onze liefhebbende Vader in de hemel heeft ons van een veilige haven voorzien. In de tempel zal Hij u zegenen. In de tempel zal Hij u sterken en beschermen. In de tempel zult u beter begrijpen wat de woorden ‘Zwijg, wees stil’ betekenen.

 


[1] Ernest K. Emurian, Living Stories of Famous Hymns, Boston, (W. A Widdle Co., 1955, 83-85).

[2] Markus 4:38.

[3] Markus 4:39.

[4] Karen Lynn Davidson, Our Latter-Day Hymns: The Stories and the Messages, Salt Lake City: Deseret Book, 1988.

[5] Lofzangen, nr. 71, Meester, de stormwinden woeden Tekst: Mary Ann Baker, ca. 1874, Muziek: H. R. Palmer, 1834–1907.

[6] ‘Voorbereiding op de heilige tempel’, gebaseerd op De heilige tempel, van Boyd K. Packer (beschikbaar op lds.org).

[7] Lofzangen, nr. 53, O, vast als een rotssteen. Tekst: toegeschreven aan Robert Keen, ca. 1787. Engelse versie opgenomen in het eerste HLD-zangboek, 1835. Muziek: toegeschreven aan J. Ellis, ca. 1889.