De mensen zijn, opdat zij vreugde zullen hebben

Boodschap van de gebiedsleiding

Ouderling K. Roy Tunnicliffe
Ouderling K. Roy Tunnicliffe, Engeland Gebiedszeventiger

Anders verwoord kan de verklaring ‘de mensen zijn, opdat zij vreugde zullen hebben’1 worden gelezen als ‘het hele doel van uw bestaan is dat u vreugde kunt ervaren’.

Klopt dat wel?  Ik ervoer vreugde telkens als mijn voetbalteam het winnende doelpunt maakte!  Ik weet dat ik vreugde voelde wanneer ik na een goed sollicitatiegesprek een baan kreeg, of wanneer we een gezinsvakantie hadden.  Zijn die gevoelens de reden voor ons bestaan?

Niet echt.  Die gevoelens van vreugde zijn echt en belangrijk, maar ze zijn slechts een fractie van de diepere, blijvende vreugde die onze Vader in de hemel ons geeft.  Niet ieder team scoort het winnende doelpunt.  Niet iedere sollicitant kan de baan krijgen.  Sommigen kunnen gewoon niet als gezin op vakantie gaan.  Maar iedereen kan ware vreugde ontvangen!

President Russell M. Nelson heeft gezegd: ‘De vreugde die we voelen heeft weinig te maken met onze omstandigheden in het leven en alles met waar we ons in het leven op richten.’2

BYU-hoogleraren Kelly Ogden en Andrew Skinner hebben geschreven: ‘2 Nephi 2:25 zou nooit geciteerd mogen worden zonder ook vers 26 te citeren.  Ze zijn onlosmakelijk als twee pilaren in het grote heilsplan met elkaar verbonden.  Ja, Adam viel opdat de mensen zouden zijn, maar “de Messias komt in de volheid des tijds om de mensenkinderen te verlossen van de val.”’3 Met andere woorden, wij hebben deze aardse ervaring dankzij de val van Adam en Eva; het was met opzet zo ontworpen opdat we vreugde konden ontvangen; en die vreugde komt door onze liefhebbende Vader in de hemel en zijn geliefde Zoon, Jezus Christus.

De Vader wijst ons voortdurend op zijn Zoon – en de vreugde die we voelen door Jezus Christus in ons leven centraal te stellen, is echte, diepe en blijvende vreugde.  Dat is een volheid van vreugde.

De volgende voorbeelden zijn mensen die een volheid van vreugde voelden, zelfs te midden van moeilijkheden, omdat zij de Heiland in hun leven centraal stelden.

Lehi en Sariah zagen dat ‘hun vreugde overvloedig’4 was, niet alleen vanwege de veilige terugkeer van hun zonen, maar ook vanwege de zekerheid van de leiding van de Heer door middel van zijn profeet.

Ammon zei: ‘mijn vreugde is overvloedig, ja, mijn hart is boordevol vreugde’,5 wegens de vele zielen die hij tot Jezus Christus had zien komen en die het volk van de Heer waren geworden.  Alma had dezelfde volheid van vreugde om dezelfde redenen.6

Nephi en Lehi waren, ondanks hun gevangenneming, ‘vervuld met die vreugde die onuitsprekelijk en vol welbehagen is’,7 en zij hoorden de stem van de Vader hen loven voor hun geloof in zijn geliefde Zoon.

Ten slotte spreekt Jakob over alle trouwe volgelingen van Jezus Christus, zijn verbondsvolk, en de vreugde die hen te wachten staat als zij ondanks ontberingen, tegenslag, tegenstand en beproevingen het evangelie naleven.  Hij zei: ‘Maar zie, de rechtvaardigen, de heiligen van de Heilige van Israël, zij die hebben geloofd in de Heilige van Israël, zij die de kruisen van de wereld hebben verdragen en de smaad ervan niet hebben geacht, zij zullen het koninkrijk van God beërven dat voor hen is bereid vanaf de grondlegging van de wereld, en hun vreugde zal voor eeuwig overvloedig zijn.’8

Ik getuig dat het doel van ons leven kan worden verwezenlijkt en dat ieder van ons een volheid van vreugde kan ontvangen ‘als we onze hemelse Vader als onze God kiezen’,9 ons leven op Jezus Christus richten, anderen uitnodigen om van Hem te leren, als we zijn stem horen, ons van onze zonden bekeren en op het verbondspad voorwaarts blijven gaan.

 

Noten:

 

  1. 2 Nephi 2:25
  2. Vreugde en geestelijk overleven’, president Russell M. Nelson, algemene oktoberconferentie 2016
  3. Ogden en Skinner, Book of Mormon, 1:122–123
  4. 1 Nephi 5:7
  5. Alma 26:11 (zie ook verzen 7, 12–31)
  6. Zie Alma 29:13–17
  7. Helaman 5:44
  8. 2 Nephi 9:18
  9. Vreugde en geestelijk overleven’, president Russell M. Nelson, algemene oktoberconferentie 2016