Het Eerste Presidium geeft richtlijnen om de kerk in moeilijke tijden te besturen

kerk  thuis

Hoe vindt het bedieningswerk, een priesterschapszegen of het avondmaal van de Heer tijdens een wereldwijde pandemie plaats? Deze en andere kwesties stelt het Eerste Presidium van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen aan de orde in een brief en twee documenten aan de leidinggevenden van de kerk wereldwijd met betrekking tot de gevolgen van COVID-19.

‘Er staan richtlijnen voor essentiële verordeningen, zegens en andere kerkaangelegenheden in om leidinggevenden door de huidige crisis en de moeilijke periode die vóór ons ligt te loodsen’, zegt het Eerste Presidium in de brief: ‘Deze documenten zijn opgesteld in verband met kerkprocedures en ledenactiviteiten die door de wereldwijde COVID-19-pandemie ontwricht zijn. De richtlijnen gelden zolang deze pandemie in een bepaald land of gebied voortduurt. Later volgen mogelijk aanvullende instructies.’

Het document inzake bestuurlijke beginselen steekt leidinggevenden een hart onder de riem. Het benoemt deze ongewoon moeilijke tijd, de plicht van iedere heilige om een goede wereldburger te zijn, het feit dat de Heer deze kerk op deze moeilijkheden heeft voorbereid, en de wijsheid die leidinggevenden nodig hebben om hun kerktaken uit te voeren.

‘De Heer zal ons helpen’, staat er in het document. ‘De macht van het priesterschap en de rechtschapenheid van de leden zullen ons helpen om voorwaarts te gaan in de periode die vóór ons ligt.’

Lees het volledige document: ‘Bestuurlijke beginselen in moeilijke tijden’.

Het tweede document gaat in op de essentiële verordeningen van het kerkgenootschap (dopen, bevestigingen, priesterschapsordeningen en aanstellingen), priesterschapszegens, de bediening van het avondmaal van de Heer, kerkbijeenkomsten en het dagelijkse dienstbetoon door de heiligen der laatste dagen.

De riten van de doop, bevestiging en priesterschapsordening moeten persoonlijk worden gedaan. De leider die toezicht houdt op deze verordeningen mag (samen met andere leidinggevenden, familieleden en vrienden) op afstand via technologie meekijken en -luisteren.

Voor priesterschapszalvingen om een zieke te genezen is tevens fysieke handoplegging vereist. Het document plaatst daarbij de volgende kanttekening: ‘Als de omstandigheden het zelfs met alle nodige voorzorgsmaatregelen niet toelaten om iemand de handen op te leggen, kan men een gebed uitspreken, eventueel via technologie. Dit is dan een gelovig gebed en geen priesterschapszegen. Iedereen kan op elk moment bidden, vasten of anderen op een andere wijze van dienst zijn.’

Zoals dat vanaf half maart dit jaar al gebeurt, mogen plaatselijke bisschoppen priesterschapsdragers in hun unit machtigen om het avondmaal bij hen thuis voor te bereiden en te bedienen. In het document staat verder: ‘Als het avondmaal in ongewone omstandigheden niet beschikbaar is, kunnen de leden de avondmaalsgebeden bestuderen met een hernieuwd voornemen om zich aan hun verbonden te houden. Ze kunnen ook bidden en troost vinden in de gedachte dat ze het op een dag weer uit handen van een priesterschapsdrager mogen ontvangen.’

Lees meer in het document: ‘Richtlijnen voor essentiële verordeningen, zegens en andere kerkaangelegenheden’.

 

Het document met vragen en antwoorden gaat in op diverse vragen van heiligen der laatste dagen over de gehele wereld. Hieronder staan slechts drie voorbeelden:

  • Zijn er bruiloften en uitvaartdiensten in kerkgebouwen mogelijk?

  • Moeten tempelaanbevelingsgesprekken nog steeds persoonlijk gehouden worden?

  • Mogen we aan bloeddonor-acties blijven deelnemen?

Lees het volledige document met vragen en antwoorden: ‘Omgaan met COVID-19: Antwoorden op vragen’.

‘Wij zijn dankbaar dat velen van u de aanwijzingen van leidinggevenden op nationaal, provinciaal en plaatselijk niveau in vele landen met betrekking tot de COVID-19-pandemie actief opvolgen’, zegt het Eerste Presidium. ‘De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen neemt ook de nodige voorzorgsmaatregelen en biedt hulp aan mensen in nood. In de huidige omstandigheden en in situaties die zich mogelijk nog gaan voordoen, hebben wij als kerkgemeenschap goed burgerschap en zorg voor onze medemensen hoog in het vaandel.’