Ik heb de Boek van Mormon-passages met het verhaal van Alma bij de wateren van Mormon vele malen en met groot genoegen gelezen. Alma nodigt de mensen bij de wateren van Mormon op prachtige wijze uit om zich te laten dopen.(1) In een van de verzen staat: ‘En nu, daar u verlangend bent tot de kudde van God toe te treden en zijn volk te worden genoemd en gewillig bent elkaars lasten te dragen, opdat zij licht zullen zijn.’(2) Voor mij betekende dit altijd dat wij als leden van de Kerk van Jezus Christus de lasten van anderen verlichten. Later in het boek Mosiah kwam het volk van Alma in Lamanitische slavernij en werd het zwaar door de Amulonieten gekweld, zodanig dat zij de Heer om hulp smeekten.(3) De Heer verhoorde hun gebeden en maakte hun lasten licht.(4)
Voor mij is dit altijd een opmerkelijk deel van de geschiedenis van het volk van Alma geweest. In het evangelie van Mattheüs lezen we: ‘Kom naar Mij toe, allen die vermoeid en belast zijn, en Ik zal u rust geven. Neem Mijn juk op u, en leer van Mij dat Ik zachtmoedig ben en nederig van hart; en u zult rust vinden voor uw ziel.’(5)
Ik wist in theorie altijd al dat de Heer de lasten van zijn volk kan verlichten, en ik had het in de praktijk gezien, wanneer leden van de kerk elkaar hielpen en bijstonden.
Maar toen mijn vrouw twee jaar geleden na vijf jaar ziekte aan kanker overleed, beleefde ik de donkerste en droefste uren van mijn leven tot dan toe. In die uren en dagen stonden mijn familie en de kerk me bij en hielden ze me overeind. Ik ben hen allemaal dankbaar. Om te voorkomen dat ik alleen thuis zou zijn, besteedde ik bijna elk vrij uurtje aan mijn kerkwerk. Dat ging een tijdje goed, totdat ik op een zondagavond thuiskwam van een opdracht om een ringconferentie te presideren.
Die avond werd ik overmand door smart om het verlies van mijn geliefde vrouw, met wie ik vele jaren getrouwd was geweest. Ik werd ook gekweld door angst voor de toekomst, om alleen te zijn, en door diep verdriet en depressie. 48 uur lang kon ik niet werken, eten, het huis verlaten of iets anders doen. Toen het ondraaglijk werd, herinnerde ik me dat Paulus had gezegd: ‘God is getrouw, die niet zal toestaan dat u verzocht wordt boven wat u aankunt’,(6) en ook de tekst in Mattheüs kwam in me op.(5) In mijn wanhoop had ik het gevoel dat ik precies op dat punt was aangekomen en hulp nodig had. Dus knielde ik neer en smeekte dat mijn lasten licht mochten worden. Daarna bad ik nogmaals dat mijn last door de verzoening van Jezus Christus van me zou worden weggenomen, zodat ik verder kon gaan met mijn leven. Na dat tweede gebed werd ik door gemoedsrust overspoeld. De duisternis, het verdriet en de pijn om me heen vervaagden. In plaats van duisternis baadde mijn directe omgeving in helder licht en vielen mijn lasten van mijn schouders. Even later kon ik mijn normale plichten en taken vervullen, en ik deed dat met een dankgebed in mijn hart. Nadat ik mijn hele leven had ervaren en gezien hoe de verzoening van Jezus Christus mensen van zonde reinigde en hen zo genas, kon ik eindelijk zelf ervaren dat zijn belofte om onze lasten licht te maken nog een facet van de verzoeningsmacht van de Heiland is. Hij heeft niet alleen voor de zonden van de wereld geleden, maar ook onze lasten, onze pijnen en ons lijden gedragen.(7)
Daarom getuig ik dat ik weet dat de kracht van de verzoening van onze Heer echt bestaat, en dat die ieder van ons kan genezen, verlichten en gemoedsrust kan brengen. ‘Als je eenzaam bent, weet dan dat je troost kunt vinden. Als je ontmoedigd bent, weet dan dat je hoop kunt vinden. Als je arm van geest bent, weet dan dat je gesterkt kunt worden. Als je het gevoel hebt dat je gebroken bent, weet dan dat je kunt genezen.’(7)
1 Mosiah 18:8–14.
2 Mosiah 8:8.
3 Mosiah 24:12–13.
4 Mosiah 24:14.
5 Mattheüs 11:28–29.
6 1 Korinthe 10:13.
7 Jeffrey R. Holland, Broken Things to Mend.