Van taaie kost naar geliefde leer

Wim Mulder, Apeldoorn

In 2025 hebben we een jaar lang de Leer en Verbonden behandeld. Ik was in onze wijk de zondagsschoolleraar. Aan het begin van het jaar keek ik er eerlijk gezegd tegenop om dit boek te behandelen. Ik bleek niet de enige te zijn; veel andere leden vonden dit eveneens een lastig boek. Iedereen heeft daar zo zijn eigen beleving bij. Zelf kwam het boek op mij erg theoretisch over, bijna zakelijk. Daarnaast stond het taalgebruik mij soms tegen; het leek wel dwingend.

Maar hoe kijk ik er nu op terug, en wat is er gebeurd in de klas? Tot mijn eigen verrassing is het een bijzondere ontdekkingstocht geworden. In de klas gebeurden mooie en betekenisvolle dingen. Ik mocht dan wel de leraar zijn, maar vaak bleek de klas zelf de leraar te zijn. Er werden prachtige waarheden gedeeld, er ontstond liefde voor dit boek, begrip voor de vroege leden van de kerk, en bovenal groeide er een diep respect voor wat Joseph Smith ons heeft meegegeven.

Ik zal proberen dit te onderbouwen aan de hand van enkele onderwerpen die we in de klas hebben besproken.

Het eerste wat ik wil zeggen, is dat er ondanks onze soms sceptische houding een groot verlangen bestond om de Leer en Verbonden beter te begrijpen. We besteedden er tijd aan, dachten erover na, probeerden het te doorgronden en vroegen in gebed wat waar was en hoe het ons hart kon raken. Wat ons enorm heeft geholpen, was meer inzicht in de achtergronden en levensomstandigheden van de eerste leden: de hoop die zij koesterden, wat zij opbouwden, wat zij weer kwijtraakten, en vaak hun ongelooflijke doorzettingsvermogen.

 

Het begin

In 1820 ontvangt Joseph Smith het visioen van God de Vader en Jezus Christus. Dat is natuurlijk ongelooflijk bijzonder. Dit visioen komt in een tijd waarin religie in de begindagen van Amerika volop in beweging is, en waarin gezag en maatschappelijke orde niet vanzelfsprekend zijn. Wanneer Joseph Smith dit verhaal deelt, ondervindt hij direct veel weerstand. Toch laat hij zich niet ontmoedigen. Sterker nog: een paar jaar later vertaalt hij het Boek van Mormon. Persoonlijk zou ik dan denken: dat is wel genoeg voor een nieuwe kerk. De vervolgingen werden intussen steeds serieuzer, al waren er gelukkig ook veel mensen die blij waren met deze nieuwe boodschap.

Joseph Smith stopte echter niet bij de herstelling van de kerk, en dacht niet: nu hebben we genoeg. Integendeel, hij ging door. Hij liet zich leiden als een instrument in de handen van de Heer. De Heer wilde de volheid van het evangelie op deze aarde terugbrengen (zie Handelingen en Efeze 1:10). Dit resulteerde in de herstelling van het priesterschap, diepgaande kennis over het evangelie, inzicht in het doel van ons aardse bestaan, de organisatie en naam van de kerk, en uiteindelijk de herstelling van de tempelverordeningen. Dat is niet gering. Ik ken geen enkele kerk ter wereld die het evangelie zo volledig aanbiedt.

 

De opbouw

Er zit een duidelijke opbouw in de Leer en Verbonden, een proces waarin je ziet dat er steeds meer kennis, inzicht en goddelijke leerstellingen worden geopenbaard. Het bouwt zich geleidelijk uit. De eerste afdelingen die Joseph Smith noteerde dateren van 1828 en lopen door tot zijn dood in 1844. Aanvankelijk ligt de nadruk op het verspreiden van het Boek van Mormon en het zendingswerk. Daarna volgt de herstelling van het priesterschap en uitleg over het gebruik daarvan. Vervolgens wordt de kerk formeel georganiseerd en verschijnen de eerste verwijzingen naar de noodzaak van tempelverbonden. Parallel aan deze groei krijgen we voortdurend uitleg waarom dit alles belangrijk is voor ons, als kinderen van de Heer.

Dit brengt ons bij de vraag: waarom was – en is – dit alles nodig? Wat is het doel van de herstelling? Het is makkelijk om te zeggen: “God zegt het, dus het is belangrijk.” Dat mag, maar tegelijkertijd mogen we ook proberen te begrijpen waarom de Heer dit met ons wil delen.

Misschien heeft Joseph Smith zich dit zelf ook afgevraagd. In 1838 zal hij ongetwijfeld hebben teruggekeken op alles wat er toen al was gebeurd. Hij gaf toen deze uitspraak:
“De fundamentele beginselen van onze godsdienst zijn het getuigenis van de apostelen en profeten aangaande Jezus Christus – dat Hij stierf, werd begraven, ten derde dage verrees en ten hemel opvoer. Al het andere dat verband houdt met onze godsdienst is hier slechts een toevoeging aan.”

Alles wat we in de kerk leren – en waarin ook de Leer en Verbonden ons onderwijst – is gericht op Christus. Onze hemelse Vader wil dat wij weer bij Hem terugkeren. En om daar te komen zullen we Christus niet alleen moeten accepteren als onze Verlosser, maar Hem ook echt leren kennen, ons geloof in Hem oefenen, Zijn voorbeeld volgen en proberen één met Hem te worden. De keuze is aan ons. En als we kiezen, waarvoor kiezen we dan?

Wim geeft les in de zondagsschool

De aard van Christus

Met het Eerste Visioen krijgen we opnieuw inzicht in de aard van Christus als een opgestaan wezen. Dit komt overeen met wat we lezen in Handelingen, wanneer Christus zich na Zijn opstanding aan Zijn discipelen vertoont. Een goed begrip van de aard van Christus maakt het eenvoudiger om geloof in Hem te oefenen; je krijgt er letterlijk een beeld bij.

Dit is niet het enige getuigenis dat Joseph Smith van Christus geeft. In L&V 110 ziet hij de Heiland opnieuw. Hij beschrijft dat Zijn ogen waren als een vurige vlam, Zijn haar zo wit als zuivere sneeuw en dat Zijn gelaat straalde als de zon. Dit zegt veel over de volmaakte kracht en heerlijkheid die van Christus uitgaat.

Joseph Smith beseft echter dat dit voorrecht niet alleen aan hem is voorbehouden. Op verschillende plaatsen wordt ons geleerd hoe ook wij Christus kunnen leren kennen. Steeds weer valt op hoe eenvoudig de stappen zijn. De focus ligt telkens op ons hart: kunnen we dat zuiver, rein en vol naastenliefde houden, en komt dat tot uiting in wie wij willen zijn? L&V 88:6–13 geeft een prachtige uitleg over hoe wij kunnen groeien naar het Licht dat ons verstand verlevendigt. In dezelfde afdeling, onder andere in vers 74 en 125, worden we herhaaldelijk uitgenodigd Christus te zoeken en ons hart te zuiveren. Het is binnen handbereik; wij kunnen ervoor kiezen en dit in ons leven meenemen.

 

Vervolging

De herstelling van de kerk vond plaats in een tijd van grote maatschappelijke onrust. Het westen van de Verenigde Staten werd stap voor stap uitgebreid, en de leden volgden dat spoor: van Kirtland naar Jackson County (ongeveer 1600 kilometer verderop), vervolgens naar Nauvoo en uiteindelijk de grote trek richting Salt Lake City. Verschillende openbaringen gaan over deze roerige periode (bijvoorbeeld L&V 102–105). Telkens kregen de leden hoop: dat het goed zou komen, dat zij zich konden vestigen, groeien en voorspoed ontvangen. En telkens ging het weer mis – soms zelfs dramatisch.

Joseph Smith moet zich vaak wanhopig hebben gevoeld. Regelmatig waarschuwt hij de leden tegen hoogmoed, terwijl hij hen op andere momenten juist hoop geeft dat zij hun vijanden zullen overwinnen. Sommigen namen dit letterlijk. Zo werd het Zionskamp opgericht om de leden in Jackson County te helpen verdedigen. Uiteindelijk kwam het niet tot een gevecht; men trok zich stil terug. Toch was de geestelijke impact van het Zionskamp enorm.

De groei van getuigenissen, gevormd in stille en liefdevolle toewijding aan het evangelie, heeft veel deelnemers blijvend veranderd. Velen van hen speelden later een belangrijke rol in het leiden van de kerk naar Salt Lake City. Ik zie hierin parallellen met onze tijd. Mensen die Christus zoeken, liggen ook nu onder vuur. De tegenstander doet er alles aan om mensen daarvan af te houden. We gebruiken soms krachtige beelden om dat te beschrijven, zoals “het zwaard der gerechtigheid”. Maar is dat een zwaard om mee te slaan, of staat het symbool voor vertrouwen in de Heer, voor de leiding van de Heilige Geest, voor een rein hart en een christelijke houding?

 

Priesterschap

Met het verval van de vroegchristelijke kerk verdween ook het priesterschap uit de wereld. Ik ben mij ervan bewust dat dit voor andere kerken een stevige uitspraak is. Maar als het priesterschap het gezag is waarmee we in Gods naam mogen handelen, dan is het essentieel dat dit gezag door God wordt erkend. De herstelling van het priesterschap is daarom een logische en noodzakelijke stap.

Het belangrijkste hiervan is dat we de zegeningen van het evangelie kunnen ontvangen en deze intenser kunnen ervaren: een zegen of zalving voor een zieke, de ervaring van de Geest bij de doop, of de diepe betekenis van het oprecht nemen van het avondmaal. Zo zijn er vele zegeningen die via het priesterschap tot ons komen, steeds met hetzelfde doel: Christus beter leren kennen en dichter bij Hem komen.

In deze wereld heeft het begrip priesterschap vaak een autoritaire lading, maar zo werkt het niet. Het kan alleen functioneren wanneer het wordt uitgeoefend met lankmoedigheid, mildheid, zachtmoedigheid en ongeveinsde liefde (zie L&V 121:36, 41–43). Alleen met deze christelijke eigenschappen.

 

Tempel en huwelijk

De tempelverordeningen werden niet in één keer hersteld, maar stap voor stap. Het lijkt alsof Joseph Smith gaandeweg steeds beter ging begrijpen waarom tempels nodig waren, hoe zij ingericht moesten worden en welke verordeningen daar thuishoorden. Al bij het bezoek van Moroni in 1823 werd verwezen naar Maleachi 3, wat ongetwijfeld tot veel overpeinzing heeft geleid. Ik ben ervan overtuigd dat Joseph Smith hier vaak de Heer om raad over heeft gevraagd.

De eerste tempel in Kirtland werd met enorme inspanning gebouwd, zij het voor een korte periode. Toch was dit niet tevergeefs: hier werden de eerste tempelverordeningen (wassingen en zalvingen) hersteld. Enkele jaren later gebeurde iets vergelijkbaars in de Nauvoo-tempel. Ook daar brachten de leden grote offers, en ook daar ontvingen zij – ditmaal volledig – de tempelverbonden. Wanneer ik nadenk over de beloften die met deze verbonden gepaard gaan, kan ik mij voorstellen dat de eerste leden overweldigd moeten zijn geweest door de kracht en liefde van God die daarin besloten liggen.

Na de herstelling van de tempel volgen in L&V 131 en 132 prachtige leringen over het huwelijk: de waarde ervan en het belang om als partners één te zijn. Afdeling 132 eindigt met passages over het meervoudig huwelijk, wat voor velen moeilijk te begrijpen is. Dat mag. Misschien komt er een tijd waarin we hier meer inzicht in krijgen. Zelf kies ik ervoor het mooie en waardevolle dat mij tot nu toe is geopenbaard en dat ik ben gaan begrijpen, niet los te laten.

 

De schrijfstijl

Door de verzen aandachtiger te lezen, is mij opgevallen hoe mooi sommige beschrijvingen zijn – soms bijna poëtisch, vaak met een enorme diepgang in slechts enkele regels. Bovendien sluiten zij naadloos aan bij andere schriftteksten uit de Bijbel en het Boek van Mormon. Een voorbeeld hiervan is L&V 121:45–46:
“Laat daarom uw binnenste vol naastenliefde zijn jegens alle mensen en jegens uw geloofsgenoten, en laat deugd onophoudelijk uw gedachten sieren; dan zal uw vertrouwen in de tegenwoordigheid van God sterk worden, en de leer van het priesterschap zal zich op uw ziel vormen als dauw uit de hemel.”

Dauw raakt alles en verschijnt in de vroege ochtend na de nacht – een prachtig en treffend beeld. Vers 46 gaat zelfs nog een stap verder.

 

Conclusie

Deze terugblik doet tekort aan alles wat dit boek ons aanreikt. Het raakt zo vaak aan de essentie van het leven: wat we doen, waarvoor we kiezen en wat onze motivatie is. Na een jaar kan ik alleen maar concluderen dat mijn liefde voor de Leer en Verbonden enorm is gegroeid. Iemand uit de klas zei dat hij van dit boek is gaan houden. De leerstellingen zijn zo prachtig uitgelegd. Met alle liefde die de Heer heeft, nodigt Hij ons uit om Hem te leren kennen en tot Hem te komen. Hij wil geen mysterie voor ons blijven; Hij wil dat wij Hem kunnen leren zien.